Wereld een beetje mooier maken

Ik heb de wereld altijd een beetje mooier willen maken. Jullie ook? Dat is fijn. Soms verlies ik de moed. Dan zie ik wat jonge mensen als droom voor hun toekomst hebben en dan lijkt het of anderen niet zien wat er aan de hand is, terwijl ik dat ‘mooier maken van de wereld’ zo belangrijk vind.

Het is alweer een tijd geleden dat ik met een collega zat te lunchen. Zij was advertentieverkoper en ik journalist. „Haal jij wel voldoening uit je werk?”, vroeg ik. „Eigenlijk niet zo erg meer”, gaf ze eerlijk toe. Ik knikte begrijpend. Advertentieverkoop. „Ik houd er binnenkort mee op”, zei ze. „Ik wil mijn hart volgen.”

Vaak voel ik me de laatst overgebleven hippie. Als een twintig jaar jongere collega vertelt dat ze haar hart wil volgen, maakt mijn hart een blij sprongetje. Ik kon me al nooit voorstellen wat advertentieverkoop je voor voldoening kon geven, wat het bijdraagt aan de samenleving en hoe inhoudelijk je jezelf betrokken voelt (als advertentieverkoper)  bij het maken van een mooiere wereld. „Doen we maar weer een halve pagina? Of zullen we de mensheid verblijden met een hele?”

Het hoge woord kwam er uit bij mijn collega. Ze was vastbesloten haar hart te volgen. „Wat ga je doen?”, was natuurlijk mijn vraag. „Ik begin een nagelstudio. Nagels lakken is helemaal mijn passie!” Ik voelde een brok in mijn keel. Ik kon nog net ‘ge-wel-dig!’ stamelen. Bij het wegzetten van mijn blaadje met lunchresten hield ik me nog net goed. Toen stormde ik het gebouw uit en heb bij een eikenboom achter het kantoor hevig staan huilen.

Een voorbijgaande man vroeg of het ging. „Ja”, zei ik. „Het zijn tranen van vreugde. De jeugd is niet bedorven. Ze hebben doelen in het leven. Zojuist vertelde een collega van me dat ze haar hart gaat volgen, niet langer advertenties verkopen.” Het raakte de voorbijganger diep. „Wat gaat ze dan doen?”, vroeg hij. Ik: „Ze begint een nagelstudio…” Tien minuten hebben we daar samen gestaan, schokschouderend, de armen om elkaar. Twee kerels, samen jankend als sentimentele wijven. Maar het luchtte op. „Ik moet weer naar binnen”, sprak ik beschroomd. „Bedankt voor uw steun.” „Geen dank”, kon de vreemdeling nog uitbrengen. Wat we niet uitspraken was dat de wereld zo veel mooier wordt, als mensen hun hart volgen.

2020-04-03T17:51:41+00:00 03-04-2020|blogs, mensen, Uncategorized|

Geef een reactie